Choose your country

Pulldown 2
Pulldown 2
Pulldown 2
Pulldown 2
Pulldown 2
Pulldown 2
Pulldown 2
Pulldown 2
Pulldown 2

Wat is de juiste voegbreedte?

Vorm en uitstraling zijn erg belangrijk in het totale tegelwerk. Dat geldt ook voor de breedte van de voegen.

Niet alleen het type en formaat van de tegel, maar ook de kleur en breedte van de voegen bepalen grotendeels de uitstraling in een ruimte. Esthetiek is natuurlijk belangrijk, maar de voegbreedte mag nooit boven de werkelijke functie van een voeg gaan.

Een voeg is een waterkering

Een voeg moet op de eerste plaats voorkomen dat er vuil en vocht tussen en achter het tegelwerk komt. Samen met de kitvoeg en tegel is de voeg de eerste waterkering in een natte omgeving. Wat we zien, is dat er tegenwoordig steeds meer zogeheten gerectificeerde tegels zijn, tegels waarvan de zijkanten recht zijn gezaagd. Die tegels worden doorgaans met voegen van een of anderhalve millimeter verwerkt. Dat is echt geen uitzondering.

Minimale voegbreedtes

Wat moet je aanhouden? De minimale voegbreedte is voor wandtegels twee millimeter en voor vloertegels drie millimeter. Dat geldt ook voor voegen tussen de tegel en een hoekprofiel. Ik adviseer liever om een minimale voegbreedte van drie millimeter aan te houden, zoals die ook geldt voor normale wandtegels met afgeronde of afgeschuinde zijkanten. Voor vloertegels zeg ik vier millimeter. Bij deze voegbreedtes kan het voegmateriaal op een acceptabele manier door een tegelzetter worden aangebracht, zonder allerlei kunst- en vliegwerk. Bij smalle voegen wordt er namelijk nogal wat creativiteit van de verwerker verlangd. En wat er dan nog wel eens gebeurt, is dat er aan de waterverhouding wordt gesleuteld.

Bros-reep

Meer water geeft een slappere voegmassa. Die verwerk je weliswaar makkelijker in de voegen, maar je loopt ook het risico op ontmenging, overmatige krimp, verkleuring, sterkteverlies en problemen bij het uitharden van de voeg. Een ‘Bros-reepstructuur’ met veel capillairen en holle ruimten kan het gevolg zijn.

Tekort aan water

Een tekort aan water gedurende de afbinding is het andere uiterste. Hierdoor ontstaat ‘verbranding’, omdat het water te snel wordt onttrokken aan de voegmortel door bijvoorbeeld de ondergrond, omgeving en/of zijkant van de tegel. Bij een smalle voeg is de ‘body’ van de voeg gering. Bij vochtonttrekking heeft dit direct gevolgen voor de kwaliteit van de voeg. Het hydratatie (afbind)-proces stopt als het hiervoor benodigde water er niet meer is. Hierdoor ontstaat een zachte, niet sterke voeg. Ook overmatige lijmrillen tussen de tegels geven de voeg minder body. Verwijder deze daarom altijd voor het afvoegen van het tegelwerk.